
Na drie weken Nederland dan net voor eind januari teruggekeerd in Roemenië, op de thuisbasis. Drie weken gevuld met lezingen en ook nog eens de presentatie van de Agrifirm jongerendag. Een mooie klus, allemaal mooie klussen. En toch, aan het eind, het verlangen om nu echt een tijd terug te keren naar man, huis, dieren en dorp. Het werd ook tijd, want de geiten zijn inmiddels volop aan het lammeren en daaraan hebben we natuurlijk handenvol werk.
De dagen dat Dorel met de geiten door het veld ging (zoals op de FOTO boven, gemaakt begin januari), zijn nu echt voorbij. Het is een schier eindeloze stroom bevallingen die zich heeft ingezet -de popcorntijd, zoals we dat noemen! Nu, zondag 6 februari, denk ik dat we op bijna 200 lammeren zitten, al op de helft. De jongens op de stal werken zich drie slagen in de rondte om alles te melken en te voeden, want de geiten en de lammeren scheiden we na de tweede dag. De lammeren gaan onder de warmtelampen en aan de emmers met spenen, de lammerbars (zie FOTO). Omdat de kleintjes straks overgaan op poedermelk en de melk van de geiten natuurlijk naar de fabriek: daar moet het geld mee worden verdiend.
Terugkijkend op de lezingen in Nederland moet ik jullie toch het verhaal vertellen van Joop en Appie Liemburg. Wonend in Heerenveen en dit jaar komen ze alweer voor de derde of vierde(?) keer op vakantie, ik ben de tel even kwijt. Het is altijd heel erg gezellig en zij genieten enorm en wij ook, want als je ziet dat mensen het zo erg naar hun zin hebben dan lift je daar vanzelf op mee.
 |
Bij Joop en Appie ontstond het idee om ook een lezing over ons leven te organiseren in hun voormalige woonplaats, Langezwaag bij Heerenveen.
Ik vond dat een prima idee, ook omdat Joop altijd meehelpt als er te hooien valt in de zomer, wanneer zij er zijn.
Bovendien was het natuurlijk heel spannend wat er in in diep-Friesland (sorry Joop en Appie) af zou komen op de vooral in Groningen bekende Janneke Vos.
|
Op 17 januari zou het dan gebeuren en ik was vanaf twee uur in de middag al bij Joop en Appie omdat we natuurlijk eerst alle apparatuur moesten uitproberen en daarna, voorafgaand aan de lezing, met elkaar een hapje zouden doen. Joop was erg nerveus, want hij had de afgelopen dagen al wat afmeldingen gehad en ja, mensen zeiden wel dat ze kwamen, maar hoe wist je dat zeker? Mensen zegden gemakkelijk toe, maar even gemakkelijk weer af. Hij zou het toch wel heel vervelend vinden als er maar weinig mensen zouden komen opdagen. Ik zei hem zich vooral geen zorgen te maken, voor mij maakt het niet uit of ik voor 10 of 100 mensen spreek, het zal altijd gezellig worden.
Terwijl wij met de auto onderweg waren van Heerenveen naar Langezwaag, zag ik echter al op verschillende plekken aankondigingen van mijn lezing hangen. Na het testen van de apparatuur in dorpshuis 't Paradyske vroeg ik hen nog even een rondje door Langezwaag te maken, om een indruk te krijgen van het dorp waar ze altijd hadden gewoond. Ook tijdens die tour zag ik her en der posters hangen. Ik prees Joop vanwege zijn inzet bij het plakken van posters. ‘Ja ja’, zei Joop ‘en als ik ze dan eenmaal had opgehangen, keek ik na een week of ze er nog wel hingen. Want stel je voor dat iemand ze weg zou halen.’ Maar ze hingen er allemaal nog. Echt geweldig.
Terwijl we door Langezwaag reden, draaide Joop ook met regelmaat zijn raampje open en riep naar argeloze voorbijgangers op straat: ‘Je komt vanavond toch wel hé?’ Joop werd op dat moment mijn agent voor Friesland, wat? Voor heel Nederland. Want zulke mensen tref je niet vaak. Hulde!
Bij de Chinees at Joop niet veel. ‘Ik ben wat nerveus’, lichtte hij toe. Ik dacht dat hij een grapje maakte. ‘Joop, het komt allemaal goed. Je hebt je uiterste best gedaan, meer kan niet. Het wordt hoe dan ook een mooie avond’, zei ik. Daar kwam nog eens bij dat Joop via internet geweldige mooie Roemeense muziek op een CD had verzameld, die ook in onze film van RTV Noord voorkomt. Om de sfeer te verhogen, zeg maar. Kosten noch moeite waren gespaard en ik wilde dat Joop wist dat hij echt alles had gedaan wat in zijn vermogen lag, maar hij was maar moeizaam gerust te stellen.
Om zeven uur ’s avonds gingen de deuren open van dorpshuis ’t Paradyske in Langezwaag. Tegen half acht waren er slechts 4 bezoekers, terwijl we nog maar een half uur te gaan hadden. ‘Het komt allemaal goed’, zei ik tegen Joop en Appie, want uiteindelijk komen mensen pas tegen kwart voor acht allemaal pas aan. En zo ging het ook. Om twintig voor acht stonden er ineens 20 mensen in de hal bij de garderode, om kwart voor acht stonden ze in de rij bij de garderobe en om tien voor acht stonden ze tot in een lange sliert buiten de deur. De 150 stoelen bleken om acht uur allemaal bezet en nog stonden er mensen voor de deur. Er werden meer stoelen aangerukt, de ruimte naar het biljart achterin werd ook geopend zodat ook daar nog mensen konden plaatsnemen, tot op het biljart zelfs. Uiteindelijk bleef de teller steken op ruim 200 mensen, onder wie ook Kees en Wilma van onze Roemeense ‘buurcamping Doue Lumii’ (die overwinteren in Nederland), campinggasten Marjo en Johan en Henk en Annemarie, maar ook kampeerster Jacqueline die haar ouders had meegenomen en kampeerder Arjan die met de taxi vanuit Zutphen kwam aanzetten. Moet ik nog meer zeggen? Het werd een fantastische avond, waarbij ik soms zelfs in het Gronings mijn ‘ei’ kwijt kon, omdat er een aantal Groningers in de zaal zat. Van een buurvrouw van Joop en Appie kreeg een schitterende vervalsing van een mooi geitenschilderij van schilder Jan Mankes en van Appie kreeg ik als voorzitster aan het eind van de avond een heerlijk Fries kruidenkaasje.
En de inzameling voor de brandweer was meteen €600,-- rijker!
Kortom: ik had vele fantastische lezingen, over welke ik elk apart wel een mooie column zou kunnen schrijven. Maar ik wilde jullie mijn Friese debuut niet onthouden. Dat een superfeest was, dank zij Joop en Appie Liemburg uit Heerenveen en al die lieve bekenden, vrienden en gasten die ‘t Paradyske tot een klein paradijsje verhieven die avond. Helemaal TOP! |